Omgaan met geld moeten jongeren allemaal leren. Maar hoe? Thuis is het niet altijd een gespreksonderwerp, op school evenmin. De stichting LEF (Leven en Financiën) heeft daarom een lesprogramma gemaakt voor mbo-scholen, waarmee jongeren inzicht krijgen in hun eigen financiën.
Valerie van den Berg (32), docent en loopbaanbegeleider op Yuverta mbo in Tilburg, merkt dat haar studenten behoefte hebben aan informatie over geldzaken. ‘Ik geef les in leerjaar 1, 2 en 3 en vooral de jongere studenten weten er vaak nog niet zoveel van. Ik krijg er in ieder geval geregeld vragen over, bijvoorbeeld over hypotheken en zorgverzekeringen. We hebben er dan gesprekken over: hoe werkt het later?’ Tijd voor actie, dat was duidelijk. Via Wijzer in Geldzaken kwam Valerie uit bij het programma van LEF. ‘Dat begint echt bij de basis.’ Ze vroeg het lesprogramma aan en ging met haar studenten aan de slag. Een kleine greep uit de onderwerpen in het lesprogramma: hoeveel geld heb je in de maand om uit te geven, spaar je voor later en hoe houd je je eigen administratie goed bij?
Verleidingen
Volgens stichting LEF is goed met geld omgaan voor volwassenen al lastig, maar voor jongeren helemaal. Jongeren komen constant in de verleiding om hun geld uit te geven. En geld wordt steeds abstracter; kopen op afbetaling is een fluitje van een cent. Online gokken en speculeren met crypto’s is heel verleidelijk, aldus de makers van het lesprogramma. Valerie vertelt dat haar studenten over het algemeen niet zo vaardig zijn in het omgaan met hun geldzaken. ‘Thuis krijgen ze het ook niet altijd mee. En het viel me op dat veel van de eerstejaars nog geen bijbaantje hebben.’
De lessen van LEF bestaan uit drie modules. ‘Hoe krijg je je geldzaken op orde’ gaat over bijvoorbeeld administratie, hoe regel je je bankzaken en hoe spaar je. Module 2 gaat over hoe je je geld uitgeeft. Daarbij komen zaken aan bod als vaste lasten, toekomstplannen en de consequenties en risico’s van geld uitgeven. In module 3 gaat het over hoe je aan geld komt; lenen, zelf geld verdienen, maar ook bijvoorbeeld over belastingteruggave en de zorgtoeslag. Bij elke module hoort ook een gastcollege, waarin gastdocenten met jongeren het gesprek aangaan. Ter voorbereiding op die gastlessen worden in de thema’s van deze modules opdrachten gemaakt. Zo maken studenten bijvoorbeeld foto’s van de spullen die ze in een week hebben gekocht. Aan het eind van elke module schrijven ze vervolgens een ‘brief’ aan zichzelf, bijvoorbeeld over waarvoor ze willen sparen. Deze sturen ze vervolgens digitaal naar LEF en een paar maanden later krijgen ze nog een reminder per sms: hoe gaat het met je spaardoel? De gastdocenten werken of werkten veelal zelf in de financiële sector. Zo kwam er in de klas bij Valerie onder meer een accountant over de vloer. ‘Gastdocenten haken in op genoemde thema’s, ondersteund met pakkende filmpjes en met onderwerpen die aansluiten op wat de studenten aan voorbereidingen hebben gedaan. Zo brengen studenten bijvoorbeeld hun inkomsten en uitgaven in kaart, denken ze na of ze voor een baas willen gaan werken of liever zzp’er worden, gaan ze in gesprek over hun toekomstdromen en zoomen ze in op hoe ze omgaan met hun geld.’
Reacties